Boezemfibrilleren bij vrouwen

Boezemfibrilleren (atriumfibrilleren) is een vaak voorkomende hartritmestoornis. Het komt zowel bij mannen als bij vrouwen voor (iets vaker bij mannen). Maar er zijn opmerkelijke man/vrouw-verschillen in de klachten, de diagnosestelling en de behandeling. Daarom wordt in dit artikel specifiek ingegaan op boezemfibrilleren bij vrouwen.
👉 Voor een uitleg over boezemfibrilleren is het handig om eerst dit artikel te lezen.

Meer klachten, maar minder herkend

Je zou verwachten dat wie de meeste klachten heeft, het snelst gediagnosticeerd wordt. Bij boezemfibrilleren is het tegenovergestelde vaak waar. Onderzoek laat zien dat vrouwen meer symptomen ervaren dan mannen, maar het duurt bij hen vaak langer voordat de diagnose wordt gesteld.
Een deel van de verklaring zit in hoe de klachten zich uiten: mannen presenteren zich vaker met het ‘klassieke’ beeld van een duidelijk voelbaar, snel of onregelmatig hart, terwijl het beeld bij vrouwen vager is: vermoeidheid, benauwdheid, een onrustig gevoel. Daardoor worden klachten bij vrouwen vaak ten onrechte toegeschreven aan stress, angst of de overgang.

De overgang als omslagpunt

Bij vrouwen speelt daarnaast een hormonale factor mee. Onderzoek laat zien dat het risico op boezemfibrilleren toeneemt rond en na de overgang (menopauze). Er wordt aangenomen dat dit samenhangt met de dalende oestrogeenspiegel.

Ouder bij diagnose, hoger risico op beroerte

Vrouwen krijgen de diagnose boezemfibrilleren gemiddeld op latere leeftijd dan mannen. Dat lijkt misschien een detail, maar het heeft duidelijke gevolgen: op het moment van diagnose hebben vrouwen vaak al een hoger risico op complicaties, zoals een beroerte of hartfalen. In de medische risicoscores geldt vrouwelijk geslacht zelfs als een zelfstandige risicofactor voor een beroerte. Niet omdat vrouwen ‘zwakker’ zijn, maar omdat het samenspel van latere diagnose, leeftijd en andere risicofactoren voor hen ongunstiger uitpakt.

Ook in de behandeling loopt het uiteen

Het verschil stopt niet bij de diagnose. Vrouwen krijgen vaker te maken met bijwerkingen van medicatie die het hartritme of de hartslag reguleert, en ze worden minder vaak doorverwezen voor een ablatie. Terwijl uit onderzoek blijkt dat vrouwen er net zo veel, of soms zelfs meer, baat bij kunnen hebben.

Hartkloppingen

Hartkloppingen zijn niet per se een vrouwspecifiek symptoom. Maar ze worden hier toch besproken, omdat ze in lotgenotengroepen voor vrouwelijke hartpatiënten vaak genoemd worden. En dat is niet zo gek, want hartkloppingen kunnen je flink onzeker maken. Meestal zijn hartkloppingen onschuldig. Koffie, stress, weinig slaap of een spannend moment kunnen het hart al even laten ‘bonken’. Maar dat gebonk kan wél eng voelen als je zorgen maakt. Bovendien kunnen die hartkloppingen wel degelijk wijzen op een hartritmestoornis, zoals boezemfibrilleren. Dat maakt het lastig om te bepalen of je ervoor naar de dokter moet. Hieronder vind je enkele vuistregels die kunnen helpen.

Duur en patroon
Hartkloppingen die na een paar seconden tot minuten vanzelf overgaan en maar af en toe voorkomen, zijn vaak onschuldig. Klachten die langer aanhouden (minuten tot uren), vaker terugkeren, of in hevigheid toenemen, verdienen aandacht.

Wat gaat eraan vooraf?
Kun je de hartkloppingen verklaren? (Net koffie gedronken, gestrest, weinig geslapen?) Of komen ze zomaar, ook in rust of tijdens de slaap?

Wat gaat ermee gepaard?
Hartkloppingen die op zichzelf staan, zijn iets anders dan hartkloppingen samen met duizeligheid, kortademigheid, pijn op de borst of bijna-flauwvallen. Die combinatie is altijd reden om het te laten onderzoeken.

Je onderbuikgevoel
Twijfel je al een tijdje, ook al wuif je het steeds weg? Vertrouw dat gevoel. Een ECG of hartslagmeting geeft duidelijkheid. Maar daarmee moeten we meteen zeggen dat het boezemfibrilleren niet altijd aanwezig is op het moment dat er een ECG gemaakt wordt. Daarom zijn ook je eigen hartslagmetingen waardevol. Je kunt je hartslagmetingen bijvoorbeeld bijhouden op een betrouwbare wearable. En neem ze mee naar je behandelend arts. 

Wanneer moet je aan de bel trekken?

Uit het bovenstaande wordt duidelijk dat boezemfibrilleren bij vrouwen nog weleens over het hoofd gezien wordt. Wees daarom ook bewust van je eigen risicofactoren en symptomen. En trek aan de bel bij de volgende signalen:

  • een hart dat op rare momenten sneller of onregelmatiger klopt, ook in rust
  • onverklaarde vermoeidheid die niet overgaat met rust
  • kortademigheid bij inspanning die eerder geen probleem was
  • duizeligheid of een licht gevoel in het hoofd
  • een onrustig, ‘fladderend’ gevoel in de borst

Eén klacht op zich hoeft niets te zeggen. Maar een combinatie, of klachten die terugkeren, zijn reden genoeg om ze te laten checken, bijvoorbeeld met een simpel hartfilmpje (ECG) of een polsmeting. Eigen metingen zijn waardevol voor een arts, dus registreer je eigen hartslag. En neem deze metingen mee naar je arts.

Tekst: Annemiek Hutten (Het Vrouwenhart Spreekt), Paula Smits
De citaten zijn afkomstig uit de facebookgroep Voor vrouwen met een hartaandoening / HART365 en het boek Hart op Hol van Paula Smits. De namen van de patiënten zijn gefingeerd.

Deze tekst is bedoeld om een korte en leesbare uitleg te geven over boezemfibrilleren bij vrouwen, en is nadrukkelijk níet als medisch advies bedoeld. Neem voor vragen over uw individuele situatie altijd contact op met uw behandelend arts.

Alle artikelen op deze website zijn eigendom van Het Vrouwenhart Spreekt. We stellen het op prijs als u deze zoveel mogelijk deelt, zodat de verhalen en ervaringen van de vrouwenhartpatiënten gehoord worden. Graag wel vanuit deze pagina, zodat de bron duidelijk is. Wilt u (delen van) deze tekst kopiëren om ergens anders te plaatsen? Neem dan s.v.p. contact op via het contactformulier op deze website.  

Delen via

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *